Monitor Online:  

Respons: dé bron van evenementeninformatie in Nederland » Het meten van een mensenmassa

Het meten van een mensenmassa

“Een publiekstelling geeft vaak pas na afloop de informatie die vooraf nodig is”, Joeri Hessels

Nederland is een evenementenland bij uitstek. Onze evenementenbranche zit vol professionals en we brengen onze kwaliteitsevenementen zelfs naar het buitenland. Toch liggen er nog kansen voor verdere professionalisering. Eén van die kansen is kwantitatieve benadering op basis van informatie verkregen middels publieksmetingen. Het meten van een mensenmassa.

Crowd management expert Gerard van Duykeren gaf onlangs in een interview aan dat één van de redenen voor de ramp op de Love Parade in Duisburg de onvoldoende kwantitatieve analyse was. De capaciteit van dit evenement was onvoldoende afgestemd op het aantal bezoekers. Maar bij een gratis evenement als de Love Parade is het bezoekersaantal (vooraf) onbekend. Voorspellingen van bezoekersaantallen worden gedaan, maar het blijft veelal bij schatten. Het epicentrum van de ramp in Duisburg was een tunnel: een deelgebied van het evenement waar de publieksdichtheid te hoog opliep omdat verschillende bezoekersstromen bij elkaar kwamen. Bezoekersaantallen, publieksdichtheden en bezoekersstromen zijn echter te meten. De meetgegevens kunnen vervolgens ook de basis vormen voor voorspellingen voor een volgende editie van het evenement. Welke kansen bieden dergelijke publieksmetingen?

Een publiekstelling geeft vaak pas na afloop de informatie die vooraf nodig is. Door bijvoorbeeld luchtfoto’s te maken en deze foto’s te analyseren kan achteraf inzicht worden verkregen in het aantal bezoekers dat op het moment van fotograferen aanwezig was. Toch wil dit niet zeggen dat  een publiekstelling ten behoeve van de veiligheid per definitie mosterd na de maaltijd is. Allereerst kan de verkregen informatie uit een publieksstelling input zijn voor een volgend evenement. Daarnaast maakt de voorhanden technologie het mogelijk om niet alleen het aantal bezoekers van een evenement te tellen maar ook de dynamiek te meten, en is het mogelijk om realtime informatie te verkrijgen zodat metingen informatie opleveren op basis waarvan direct gestuurd kan worden. Er kunnen zelfs metingen in de omgeving van een evenement worden uitgevoerd om bijvoorbeeld inzicht te krijgen in naderend publiek. Op basis van deze informatie kan, middels proactief crowd control, overcrowding worden voorkomen.

Omdat elk evenement weer anders is, dienen publieksmetingen op diverse evenementen op verschillende manieren uitgevoerd te worden. Een evenement waarbij bezoekers door poortjes het evenementterrein betreden, geeft de mogelijkheid om met sensoren als beamcounters het aantal in- en uitgaande bezoekers te tellen. Wanneer een evenement echter niet met hekken is afgezet, en bezoekers vrij zijn om het evenementterrein te betreden en te verlaten waar en wanneer ze maar willen, zoals in een stadscentrum, is de methode onvoldoende geschikt.

En dan zijn er nog de mega-evenementen als Koninginnedag in Amsterdam en SAIL. Evenementen waarbij het bezoekersaantal in de honderdduizenden loopt en het ‘terrein’ wijdverspreid is over (een deel van) een stad en daardoor niet af te bakenen is. Het uitvoeren van een directe telling is hier vrijwel onmogelijk. Toch kan er via bepaalde meetsystemen inzicht verkregen worden in de grootte en dynamiek van deze mensenmassa’s. Metingen die kansen bieden op commercieel gebied, doordat ze nauwkeurigere vraagvoorspellingen mogelijk maken, en tevens de veiligheid kunnen verhogen.

De organisatie van SAIL is bekend met één van deze technologieën. In 2010 is er tijdens SAIL gebruikgemaakt van een techniek waarbij bluetooth de basis is voor de publieksmeting. Door op strategische plekken ontvangers op te stellen die het bluetoothsignaal van een mobiele telefoon oppikken, is inzicht verworven in de grootte en dynamiek van het publiek. Het gaat hier echter wel om een indirecte meting en niet om een directe meting. De theorie achter het systeem is dat op ongeveer 1 op de 7 mobiele telefoons de bluetoothverbinding aanstaat en zichtbaar is. Een exact aantal bezoekers is dus niet te meten, maar het geeft een nauwkeurige benadering en is momenteel misschien wel het hoogst haalbare resultaat op deze mega-evenementen. Naast bezoekersaantallen geeft het ook inzicht in onder andere publieksdichtheden en bezoekersstromen. Aangezien elk bluetoothsignaal een uniek MAC-adres uitzendt worden dubbeltellingen voorkomen.

In Eindhoven zijn vorig jaar publieksmetingen op Park Hilaria uitgevoerd met een geheel andere meetmethode. Hierbij is gebruik gemaakt van geavanceerde scanners met bijhorend softwaresysteem die de aanwezigheid van personen detecteren en het mogelijk maken om publieksgrootte en –dynamiek te meten op elke gewenste plek binnen het meetgebied.
Voor de kleinere, meer afgebakende evenementen, zijn er nog meer mogelijkheden. Hiervoor zijn er diverse toepasbare meetmethoden en zijn directe metingen beter mogelijk. Bijvoorbeeld door het gebruik van speciale camerasystemen. Systemen die zelfstandig, dat wil zeggen zonder menselijk oog, passanten kunnen detecteren en tellen. Deze techniek kan zelfs worden doorgetrokken tot een digitaal netwerk waarbij meerdere losse camera’s gezamenlijk een groot gebied kunnen surveilleren.

Maar natuurlijk hangt aan ieder systeem een prijskaartje en zijn er in de evenementenbranche vele partijen met verschillende belangen en wensen. Daarnaast lijkt er voor meten om het meten alleen, niet genoeg draagvlak te zijn, zo bleek ook bij de opzet van de Stichting Event Auditing in 2007. Daarom wordt er in opdracht van Respons een onderzoek uitgevoerd naar de verschillende behoeften binnen de branche, de haalbaarheid van de verschillende meetsystemen, en de kansen die de meetgegevens bieden op commercieel gebied en voor het verhogen van de veiligheid. De bevindingen voortkomend uit dit onderzoek zullen naar verwachting in september 2011 worden gepresenteerd.

Voor meer informatie over dit onderzoek kunt u contact opnemen met Joeri Hessels bij Respons via joeri@respons.nl.